De reactie van de Europese Unie op de Amerikaanse maatregel
Op woensdag heeft de uitvoerende tak van de Europese Unie gewaarschuwd dat het stappen zal ondernemen tegen onterechte maatregelen na de beslissing van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken om vijf Europeanen te verbieden. Zij worden beschuldigd van druk uitoefenen op Amerikaanse technologiebedrijven om Amerikaanse perspectieven te censureren of te onderdrukken. De EU benadrukte dat dergelijke acties de soevereiniteit van haar regelgevingsautoriteiten ondermijnen.
De betrokken Europeanen en hun achtergrond
De groep Europeanen bestaat onder andere uit Thierry Breton, voormalig EU-commissaris belast met toezicht op de sociale mediabranche. Hij wordt door de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Marco Rubio, omschreven als een “radicale” activisten en lid van “wapengeroepen” niet-gouvernementele organisaties. Breton is daarnaast een zakenman en voormalig Franse minister van Financiën. Vorig jaar raakten hij en Elon Musk, de bekende miljardair uit de tech-sector, op social media in discussie over het uitzenden van een online interview met Donald Trump, in de maanden voorafgaand aan de Amerikaanse verkiezingen.
Reacties vanuit Europa
De Europese Commissie, het krachtige uitvoerend orgaan van de EU dat toezicht houdt op technologische regelgeving in Europa, heeft haar veroordeling uitgesproken over de Amerikaanse maatregel. Zij benadrukte haar afkeuring en heeft om opheldering gevraagd over de beweegredenen achter de beslissing. Advocaat Emmanuel Macron uit Frankrijk heeft eveneens kritiek geuit en veroordeelde de maatregel. Hij stelde dat de visumbeperkingen “intimidatie en dwangmiddelen” vormen die de digitale soevereiniteit van Europa ondermijnen.
De Europese standpunt over digitale regelgeving
Volgens de EU worden haar digitale regels vastgesteld via democratische processen die alle lidstaten omvatten en door het Europees Parlement worden goedgekeurd. Macron onderstreepte dat de regels gericht zijn op het garanderen van eerlijke concurrentie en dat zij niet bedoeld zijn om buiten Europa bepaalde besluitvorming af te dwingen. De EU benadrukte dat haar digitale ruimte niet buiten de Europese jurisdictie wordt bepaald en dat haar markt open en gebaseerd op duidelijke regels is.
De opgelegde beperkingen en de beleidscontext
Breton en de andere Europeanen werden het slachtoffer van een nieuwe visumpolitiek die in mei werd geïntroduceerd, met het doel de toegang te beperken voor buitenlanders die verantwoordelijk zouden zijn voor censuur van beschermd recht binnen de VS. Naast Breton worden ook Imran Ahmed, CEO van het Centre for Countering Digital Hate; Josephine Ballon en Anna-Lena von Hodenberg, leiders van HateAid; en Clare Melford, verbonden aan de Global Disinformation Index, vanwege dezelfde redenen op de lijst geplaatst.
De Amerikaanse motivatie en implicaties
Rubio stelde dat de vijf een buitenlands censorshipimperium hadden opgebouwd dat gericht was op het onderdrukken van Amerikaanse belangen en bedrijven. Volgens hem zou deze situatie ernstige gevolgen kunnen hebben voor het buitenlands beleid van de Verenigde Staten. De maatregel vormt onderdeel van een bredere campagne van de regering-Trump om invloed vanuit het buitenland op online spraak te beperken, waarbij gebruik wordt gemaakt van immigratiewetten in plaats van platformregulering of boetes.
De rol van de Digital Services Act en de reactie van Breton
Sarah Rogers, de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken voor openbare diplomatie, beschuldigde Breton ervan de “brainstormer” te zijn achter de Digital Services Act, die in 2022 door alle 27 EU-landen werd goedgekeurd. Deze wet legt strikte eisen op aan internetplatforms om online gebruikers te beschermen, onder andere door het markeren van schadelijke of illegale inhoud, zoals haatzaaiende uitingen. Breton reageerde via X door te benadrukken dat de EU deze regels democratisch heeft vastgesteld en dat censuur niet precies is wat de Amerikanen denken. Hij onderstreepte dat de Europese regels zijn ontworpen om eerlijkere concurrentie te garanderen en geen doelwit te zijn van buiten Europese invloed.



