Recente bevindingen weerleggen eerdere claims over de veiligheid van Tylenol
Een nieuwe beoordeling van verschillende studies bevestigt dat het gebruik van Tylenol, ook bekend als paracetamol, tijdens de zwangerschap niet geassocieerd wordt met een verhoogd risico op autisme, ADHD of intellectuele beperkingen bij kinderen. Deze conclusie sluit aan bij een groeiend aantal onderzoeken dat eerdere beweringen, onder meer uit de Trump-administratie, weerlegt.
Standpunten van experts en recente wetenschappelijke reviews
Vorig jaar maakte voormalig president Donald Trump publiekelijk gewag van een vermeende link tussen het gebruik van de pijnstiller en autisme, door zwangere vrouwen op het hart te drukken geen Tylenol te gebruiken. De nieuwste review, gepubliceerd op vrijdag in The Lancet Obstetrics, Gynecology & Women’s Health, beoordeelde 43 studies. De meest rigoureuze van deze studies, zoals die waarin broers en zussen werden vergeleken, leveren sterke bewijs dat het gebruik van paracetamol buiten de Verenigde Staten geen verhoogde kans op autisme, ADHD of intellectuele beperkingen veroorzaakt.
Veiligheid tijdens de zwangerschap
Volgens hoofdonderzoeker Dr. Asma Khalil is het gebruik van paracetamol tijdens de zwangerschap veilig. “Het blijft onze eerste keuze bij pijn of koorts bij zwangere vrouwen,” aldus Khalil. Hoewel sommige studies suggereren dat er mogelijk een verband bestaat tussen tylenolgebruik en autisme, tonen andere onderzoeken geen dergelijke link aan.
Vergelijkbare bevindingen uit andere studies
Een review uit vorig jaar, gepubliceerd in het BMJ, concludeerde dat momenteel geen stevig bewijs bestaat dat gebruik van paracetamol tijdens de zwangerschap gekoppeld is aan autisme of ADHD in het nageslacht. Ook een studie uit het voorgaande jaar, gepubliceerd in de Journal of the American Medical Association, vond geen verband tussen het gebruik van het medicijn en een verhoogd risico op autisme, ADHD of intellectuele beperkingen bij broers en zussen.
Politieke en publieke controverse
De Amerikaanse regering heeft zich echter geconcentreerd op onderzoek dat het bestaan van een verband ondersteunt. Een van de door het Witte Huis aangehaalde studies, gepubliceerd in BMC Environmental Health vorig jaar, analyseerde gegevens van 46 eerder uitgevoerde onderzoeken en concludeerde dat er aanwijzingen zijn voor een verband tussen paracetamolgebruik tijdens de zwangerschap en neuroontwikkelingsstoornissen.
Deskundigen uit de medische gemeenschap uiten echter kritiek op deze interpretaties. Zij benadrukken dat slechts een deel van de onderzochte studies specifiek gericht was op autisme en dat een statistisch verband niet automatisch causaal verband betekent. Dr. Khalil, gespecialiseerd in foetale geneeskunde, wijst erop dat deze review enkele kleine studies bevatte en mogelijk belangenconflicten, aangezien de hoofdonderzoeker, Dr. Andrea Baccarelli, tevens als expert was opgetreden in rechtszaken over dit onderwerp.
Methodologische en interpretatieve nuances
Volgens Khalil zijn de meest rigoureuze studies, waarbij bijvoorbeeld broers en zussen worden vergeleken om genetische invloeden weg te laten, vaak geen verband aantonen. Gemiddeld gezien vormen genetische factoren de grootste risicofactor voor autisme. Andere relevante factoren betreffen de ouderlijke leeftijd, prematuriteit en voorgaande gezondheidsproblemen van de moeder tijdens de zwangerschap.
Ook wijst zij op de beperkingen van de onderzoeken die in het publieke debat worden aangehaald. Bijvoorbeeld, zwangere vrouwen kunnen Tylenol gebruiken voor koorts, terwijl koorts op zich het risico op autisme kan verhogen. Verder kunnen herinneringsbias, bijvoorbeeld bij moeders van autistische kinderen die zich de gebruikte medicatie niet nauwkeurig herinneren, de resultaten beïnvloeden.
Robuuste onderzoeksbenaderingen en conclusies
Wanneer studies worden beoordeeld op basis van strikte methoden, zoals het vergelijken van broers en zussen die genetisch gerelateerde variabelen uitsluiten, blijkt dat er geen verband wordt gevonden tussen paracetamolgebruik en autisme. Daarnaast blijven genetica de belangrijkste risicofactoren, terwijl andere factoren zoals extreem jonge vaders en prematuriteit ook een rol spelen.
In een commentaar geweid aan de nieuwste review, gewaarschuwd onderzoekers van onder andere de London School of Hygiene and Tropical Medicine en het Children’s Hospital Colorado dat het verbieden van paracetamolgebruik tijdens de zwangerschap mogelijk kan leiden tot onvoldoende controle over pijn en koorts. Dit kan schadelijk zijn voor zowel moeder als baby, aangezien onbehandelde koorts en infecties bekende risico’s vormen voor de overleving en neuroontwikkeling van de foetus.
De betrokkenheid van de onderzoeksgroep en de interpretatie van de gegevens onderstrepen het belang van een genuanceerde benadering bij het beoordelen van de relatie tussen medicatiegebruik tijdens de zwangerschap en neuropsychiatrische aandoeningen.
Het onderzoek vanuit medische en wetenschappelijke hoeken blijft dus vooral gericht op het onderscheiden van causaal verbanden en het vermijden van oversimplificaties, zonder de complexiteit van genetische en omgevingsfactoren te negeren.



